De dekolonisatie, het geweld en de oorlog in Indonesië in de jaren 1945-1950 moeten worden bestudeerd in samenhang met de internationale politieke context. De strijdende partijen in Indonesië hadden van het buitenland geld, wapens, voedsel, medicamenten en politieke erkenning nodig. De grote mogendheden op hun beurt probeerden hun ‘oorlogstheaters’ en invloedssferen te behouden of uit te breiden en de Verenigde Naties leek mede haar bestaansrecht te ontlenen aan de Indonesische kwestie.

Het deelproject Internationale Politieke Context ondersteunt de synthese en de andere projecten van het onderzoeksprogramma Dekolonisatie, Geweld en Oorlog in Indonesië, 1945-1950. Het behelst een systematische inventarisatie van buitenlandse archieven en van relevante publicaties ten behoeve van de andere projecten en de synthese. De leidende vraag bij de uitvoering van dit deelproject is: hoe reageerde de internationale gemeenschap op de revolutie en de oorlog in Indonesië en hoe probeerde zij de Nederlandse en Indonesische geweldsinzet en -uitoefening te beïnvloeden?

Het deelproject wordt uitgevoerd in twee fases. In fase 1 inventariseren de onderzoekers materiaal in buitenlandse archiefcollecties en stellen zij tevens een overzicht samen van relevante publicaties. De onderzoekers laten zich daarbij primair leiden door vragen omtrent nieuwe collecties en buitenlandse publicaties: welk tot op heden onbekend of nog weinig onderzocht materiaal is in archieven te vinden en voor welke andere deelprojecten is dit materiaal relevant? Zij geven prioriteit aan relevante archieven in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland, maar gaan ook na of archieven in België, Frankrijk, India, Australië en Japan interessant materiaal bevatten.

In fase 2 worden in overleg met de onderzoekers van de andere projecten de thema’s van dit deelproject nader vastgesteld en uitgewerkt. Nadat zo een herziene en definitieve projectbeschrijving tot stand gekomen is, staat archiefonderzoek in deze tweede fase centraal. In overleg met de programmaleiding zal dan worden vastgesteld in welke vorm verslag van de bevindingen wordt gedaan, met als nadrukkelijke optie een of meerdere zelfstandige publicaties, bijvoorbeeld artikelen in tijdschriften of bundels.

Dit project wordt uitgevoerd door: Jeroen Kemperman en Tom van den Berge.